Waarom is een rusthuis zo duur? Met een gemiddelde prijs van 1.826 euro per maand zijn rusthuizen ook in het afgelopen jaar weer wat duurder geworden. Waarom moet die prijs eigenlijk zo hoog liggen?

“Je betaalt daar eigenlijk vooral de personeelskosten mee van een woonzorgcentrum”, zegt Johan Truyers van Okra Zorgrecht, dat de belangen behartigt van zorggebruikers.
De woonzorgcentra krijgen nochtans subsidies voor dat personeel. “Maar veel te weinig”, zegt Truyers.
In Vlaanderen wordt ongeveer tussen de 0,5 en 0,65 voltijdse krachten gesubsidieerd per bewoner: tussen de 50 en 65 man personeel per 100 bewoners dus. “Veel woonzorgcentra kunnen daarmee de goede zorg niet garanderen en werven extra personeel aan bovenop die norm. Dat rekenen ze door in de factuur.”
Wat zit verder nog in de factuur? Je kamer in het rusthuis zelf, verwarming, sanitair, verpleging en verzorging, verzorgingsmateriaal, je eten, het onderhoud van de gebouwen, enzovoort. Zit daar nog niet in: telefoonkosten, kapper, tv-abonnement en de was.
“Mispak je niet op die 1.800 euro die je zelf betaalt”, zegt Truyers. “De werkelijke kost ligt nog veel hoger.”
“Ongeveer veertig procent van wat een rusthuisverblijf echt kost, wordt betaald door de bewoner”, zegt Vlaams minister van Volksgezondheid Wouter Beke (CD&V). “De rest past de overheid bij via subsidies.”

Hoe kan ik een rusthuis betalen met mijn pensioen?
Simpel: alleen met je pensioen kan je dat zelden. Uit de recentste cijfers van de federale Pensioendienst ligt een gemiddeld pensioen voor een werknemer op 1.330 euro. Er is dus nog een kloof van zo’n 500 euro die moet worden gedicht.
Twee vormen van extra financiële steun helpen daarbij. “Je hebt 130 euro per maand die je als rusthuisbewoner automatisch krijgt via het zorgbudget voor zwaar zorgbehoevenden”, zegt Truyers. En daar komt nog een andere premie bij, het zorgbudget voor ouderen met een zorgnood, die je niet automatisch krijgt. Dat kan tot een kleine 600 euro per maand gaan. “Die is voor mensen met een laag inkomen en hangt af van de graad van zorg die je nodig hebt”, zegt Truyers. Op de website van de Vlaamse sociale bescherming kan je nagaan of je daarvoor in aanmerking komt, en voor hoeveel.

Gaan de prijzen blijven stijgen?
Dat doen ze alleszins al jaren, gestaag. “We moeten ons afvragen hoe houdbaar dat is”, zegt Justine Rooze van de Vlaamse Ouderenraad.
“Goedkoper zullen ze niet worden”, zegt professor Anja Declercq (KU Leuven), gespecialiseerd in ouderenzorg. “Om de simpele reden dat die prijzen niet de vraag, maar vooral de zorgnood volgen: hoeveel zorg de bewoners dus nodig hebben. Voor extra zorg is meer personeel nodig, en dat kost geld. Die zorg zal de komende jaren zwaar blijven.”
Sowieso mag een rusthuis niet zomaar de prijs optrekken: dat moet ze aanvragen bij het Vlaams agentschap Zorg en Gezondheid. Ze mag wel één keer per jaar haar prijs indexeren. Meer dan 600 van de ruim 800 rusthuizen hebben dat vorig jaar gedaan. Een nieuw woonzorgcentrum dat pas begint, is volledig vrij om die beginprijs te bepalen. “Zeker commerciële rusthuizen zullen die altijd afstemmen op de prijzen van de woonzorgcentra in de buurt”, zegt Truyers.

Regel ik niet beter een serviceflat voor mijn zorgbehoevende ouders in plaats van hen naar een rusthuis te sturen?
“Een serviceflat is niet hetzelfde als een woonzorgcentrum”, zegt Declercq. “In een serviceflat krijg je zorg zoals je die via thuiszorgdiensten ook in je eigen woning kan krijgen. Als je echt 24 uur op 24 zorg nodig hebt, zal je toch moeten verhuizen naar een woonzorgcentrum. En als het probleem eenzaamheid en isolement is, zeker als je niet mobiel bent, is een serviceflat ook geen oplossing. Als opstap naar een verblijf in een woonzorgcentrum is een assistentiewoning bij het centrum waar je op termijn naartoe zou verhuizen, wel een goed idee.”

Blijf ik niet beter zo lang mogelijk thuiswonen in plaats van naar een rusthuis te verhuizen?
“Zolang mogelijk thuis blijven wonen is nu al het uitgangspunt in ons land”, zegt Declercq. “Maar op een bepaald moment heb je toch de klok rond zorg nodig. Soms is er geen familie om die zorg te bieden. Dan is een woonzorgcentrum echt nodig. Daarom is mijn raad altijd: zorg dat je al weet waar je terecht wil komen als het zover is. Ga dus al eens langs in de woonzorgcentra in je buurt – al is dat in de huidige coronatijden nog niet zo makkelijk. Maar maak daar al eens werk van, zelfs al is dat moment nog jaren weg in je eigen leven.”

Is er wel genoeg medisch personeel in een rusthuis om veilig te zijn?
“Dat is op dit moment een manco”, zegt Johan Truyers van Okra Zorgrecht. “Vooral hoger geschoold medisch personeel is zeldzaam.”
“In vergelijking met het buitenland hebben we hier in Vlaanderen niet per se te weinig verplegend personeel. Uit Nederlands onderzoek blijkt ook dat gewoon meer personeel aanwerven niet voor nog meer kwaliteit zorgt in de zorg. Maar het personeel in onze woonzorgcentra is zeker te weinig gediversifieerd”, zegt Declercq. “Ik ben er voorstander van dat er een master in de verpleegkunde in elk woonzorgcentrum aanwezig zou moeten zijn. Die kan teams aansturen, hij of zij kan een verbinding zijn tussen de coördinerende en raadgevende arts en de huisartsen. Meer ergotherapeuten voor een goede dagbesteding, opvoeders voor gedragsproblemen bij dementie, goed geschoolde verpleegkundigen die weten wanneer een wond extra verzorgd moet worden en hoe decubitus goed moet worden aangepakt. Het akkoord dat is gesloten voor meer personeel in de sector is goed, maar er zal vooral ook veel diversiteit en variatie nodig zijn.”

bronvermelding : © Het Nieuwsblad, 01/04/2021